Nieuws

Regeerakkoord Rutte III: tarieven in de vennootschapsbelasting

Het nieuwe kabinet zet in het regeerakkoord een streep door de voorgestelde schijfverlenging van de komende jaren in de vennootschapsbelasting. Daarvoor in de plaats komt een tariefsverlaging. Opvallend is dat deze stapsgewijze verlaging pas in 2019 zijn beslag krijgt, terwijl de schijfverlenging zou ingaan per 1 januari 2018. 

Per saldo is uw besloten vennootschap (B.V.) bij een gelijkblijvende winst in 2018 daardoor niet minder vennootschapsbelasting verschuldigd dan in 2017. Uw B.V. betaalt over de eerste € 200.000 winst 20% vennootschapsbelasting.

Dit winstbedrag zou in 2018 uitkomen op € 250.000, in 2020 op € 300.000 en in 2021 op € 350.000. Boven de genoemde grensbedragen is het tarief van vennootschapsbelasting altijd 25%.

Het nieuwe kabinet draait in het regeerakkoord deze schijfverlenging terug zodat ook na 2017 de schijfgrens € 200.000 bedraagt. In plaats daarvan worden de tarieven van 20% en 25% in de vennootschapsbelasting stapsgewijs verlaagd naar 16% en 21%. Die tariefsverlaging start vanaf 1 januari 2019. Vanaf dat jaar is uw B.V. bij een gelijkblijvende winst wél minder vennootschapsbelasting verschuldigd dan nu het geval is.

Voorstel tarief vennootschapsbelasting

Jaarwinst

 

Tarief

 

 

 

Van

Tot en met

2018

2019

2020

2021

-

€ 200.000

20%

19%

17,5%

16%

€ 200.001

-

25%

24%

22,5%

21%

 

Verliesverrekening wordt verder beperkt.

Om deze tariefsverlaging te bekostigen, wil het kabinet onder andere de verliesverrekening in de vennootschapsbelasting beperken. Heeft uw B.V. een verlies geleden dan is dit verlies nu te verrekenen met de belastbare winst uit het voorgaande jaar (achterwaartse verliesverrekening) of met de belastbare winsten uit de komende 9 jaar (voorwaartse verliesverrekening). Deze termijn van 9 jaar wordt in het wetsvoorstel verkort tot 6 jaar.

De aangekondigde verliesverrekening gaat niet gelden voor ondernemers in de inkomstenbelasting. Een ondernemingsverlies blijft te verrekenen in box 1 met positieve inkomsten uit de 3 voorafgaande jaren en de 9 volgende jaren.

In het kader van de verlaging van de tarieven in de vennootschapsbelasting wijzigt ook de positie van de directeur-grootaandeelhouder. Hierover berichten wij u in ons volgende website-artikel.